In de komende tijd ga ik de oefeningen doen uit mijn eigen boek: Speelruimte maken! De oefening zie je op de foto hieronder. Ik doe hem en beschrijf daarna kort hoe dat was en wat het opleverde. Doe je mee?
De achtergronden, voorbeelden en nog veel meer over speelruimte maken in je leven, vind je in het boek zelf.

Speelruimte maken! voor een lichter, losser en liever leven. pagina 21.

Terug in de tijd: “Ik zit achter het huis op een soort heuveltje. Om me heen heb ik allemaal glazen potjes verzameld. Ook heb ik een oud aardappelschilmesje. Dat mag ik gebruiken van mijn moeder. Voordat ik hier ging zitten, was ik op een tocht. Een zoektocht langs de slootjes en in de velden om ons huis. Ik plukte van alles. Paardenbloemen, dovenetels en allerlei andere planten waar ik nog lang geen naam van wist. Ik hield vooral van rondzwerven bij de slootjes. Lange tijd zat ik dan aan de kant en staarde in het water. Kleine beestjes wriemelden rond. In het water er erboven. Die ving ik ook weleens in één van mijn glazen potjes. Vogels waren luidruchtig maar verder was er niets te horen. Een beetje wind in de bomen misschien. De sloot had een geur, maar die kan ik niet beschrijven. Ik was helemaal alleen en ik vond het heerlijk.
Nu ik terug ben met mijn buit van allerlei gewassen ga ik achter het huis deze snijden en in potjes stoppen. Alleen al van de paardenbloemen maakte ik drie soorten. Een potje met de gele bloemblaadjes, een potje met gesneden bladeren en een potje met de gesneden stengels. Van het snijden van de stengels van de paardenbloemen krijg ik zwarte vlekken op mijn handen die je er niet zomaar afwast. Soms zat er tussen de dovenetels per ongeluk een echte brandnetel. Dat heb ik gevoeld! Langzaam vulden de potjes zich. Ik was er meerdere dagen mee bezig die zomer. De zon scheen op mijn hoofd en in de verte hoorde ik mijn vader met de tractor op het land werken. Als het tijd was om thee te drinken werd ik geroepen, want theedrinken deden we iedere middag om 3 uur.”

Nu: Ik merk dat ik het heerlijk vind om te schrijven over mezelf als spelend kind. Sommige details weet ik nog heel goed, andere zijn volledig verdwenen. Als je me vandaag mee terug zou nemen naar de boerderij en ik zou moet aanwijzen waar ik precies zat, zou ik het niet weten. Ik vroeg me niet af of wat ik aan het doen was zin had. Zalig. Hoelang ik ermee bezig was, was geen item. Of iemand anders het leuk zou vinden, wat ik aan het doen was, kon me ook geen bal schelen. Ik zat en deed of niet en dat was het dan. Hoogste tijd om dat spelende kind weer wat vaker de ruimte te geven.

Als je zelf de oefening ook doet, zou ik het heel tof vinden als je deze hieronder in de reacties zet.
Reuzenieuwsgierig ben ik hoe Spelen als kind voor jou was!